Previous Page  11 / 42 Next Page
Information
Show Menu
Previous Page 11 / 42 Next Page
Page Background

naar een andere onderwijsvorm voor die

leerling.

Wanneer direct al duidelijk is dat een leer-

ling extra specifieke ondersteuning nodig

heeft, vindt er eerst een gesprek plaats

tussen de interne begeleider, eventueel be-

geleidende instanties, de directie en de ou-

ders. Dit staat beschreven in het protocol

over dit onderwerp.

Ondersteuning op De Eendracht is te

verdelen in ‘brede ondersteuning’, waarin

wij voor alle kinderen het aanbod zoveel

mogelijk op hun mogelijkheden afstem-

men en in ‘specifieke ondersteuning’, voor

kinderen die daarnaast nog extra aandacht

behoeven. Wij staan het extern volgen van

R.T. onder schooltijd niet toe.

Uitgangspunten ‘brede ondersteuning’

Leerkrachten werken bewust aan de

opbouw van een goede pedagogische

relatie met alle kinderen

Wij herkennen de eigenheid van kinde-

ren met daarin kansen en beperkingen

Wij erkennen die eigenheid zodanig dat

kinderen dit merken aan:

a. de verwachtingen die de leerkracht

van hen heeft

b. de verbale en non-verbale interactie

met de leerkracht

c. de opdrachten, waaronder de

instructie

d. de inrichting van de leeromgeving

Wij maken gebruik van coöperatieve

werkvormen

De kinderen werken binnen hun eigen

mogelijkheden aan een gemeenschap-

pelijk thema

De activiteiten zijn toegankelijk voor alle

kinderen

Wij reflecteren samen met de kinderen

op hun eigen ontwikkelingsproces

Leerkrachten vergroten door

nascholing, intervisie en/of coaching

hun handelingsbekwaamheid in het

omgaan met verschillen

Wij werken als partner in opvoeding

bewust aan een open contact met de

ouders en zorgen voor een goede

communicatie

Uitgangspunten ‘specifieke ondersteuning’

Wij schenken specifieke aandacht aan

kinderen die dit nodig hebben voor hun

ontwikkeling, o.a. ten aanzien van het

leren of ten aanzien van gedrag

In geval van extra specifieke onder-

steuning werken we aan de hand van

handelingsplannen. Een handelingsplan

wordt al dan niet in overleg met de in-

tern begeleider door de leerkracht op-

gesteld. Wij willen dit met het kind delen

omdat hij/zij het uitvoert. De mate waar-

in dit kan, is afhankelijk van de vraag-

stelling en het kind. Het kind moet weten

hoe hij/zij kan oefenen en wanneer, hoe

lang, met wie eventueel, wat het resul-

taat moet zijn en hoe hij/zij kan nagaan

of dit doel bereikt is

Wij benutten samenwerkend leren als

kans voor kinderen met specifieke

ondersteuning of aandacht

Leerkrachten in de groep zijn verant-

woordelijk voor de afstemming van

het aanbod op de behoeften van de

kinderen

11